Werken als en met zzp’ers: de stand van zaken
Dag Vbar, hallo Zelfstandigenwet!
De nieuwe regering heeft het wetsvoorstel Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar) ingetrokken. Het idee is nu om het onderdeel ‘rechtsvermoeden’ van een arbeidsovereenkomst apart in te voeren en vervolgens de Zelfstandigenwet in concept verder uit te werken. Het wetsvoorstel Vbar was vooral gericht op het uitbreiden van de definitie van de arbeidsovereenkomst, door toevoeging van een toets op werkinhoudelijke en organisatorische sturing.
Zelfstandigentoets en werkrelatietoets
De Zelfstandigenwet gaat meer uit van de zelfstandigheid van de werkende en het beoordelen van de mogelijkheden om in de organisatie van een professionele werkverschaffer de werkzaamheden zonder gezag en toezicht te kunnen verrichten. Daartoe kent de Zelfstandigenwet 2 toetsen: de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets, waarbij de praktische uitwerking van deze toetsen nog moet volgen. Het arbeidsrecht blijft echter nog wel van toepassing. Wanneer aan beide toetsen uit de Zelfstandigenwet is voldaan moet dit resulteren in een uitzondering op het arbeidsrecht en kan er als zzp’er worden gewerkt. De nadere uitwerking van de wet en het wetgevingsproces vergt tijd. Invoering van de Zelfstandigenwet met ingang van 2027 zou uitzonderlijk snel zijn.
Controle Belastingdienst vergt onderbouwing
Handhaving op schijnzelfstandigheid blijft daardoor voorlopig aan de orde. Er is momenteel sprake van een halfzachte landing, in die zin dat de Belastingdienst start met een bezoek aan een onderneming voordat sprake kan zijn van een controle. En als gevolg van de recente Uber-uitspraak dient de Belastingdienst per contract daarbij de aard van de arbeidsrelatie te toetsen en daarbij ook te wegen in hoeverre er sprake is van ondernemerschap van de zelfstandige professional. In het kader hiervan moeten opdrachtgever en opdrachtnemer kunnen onderbouwen dat:
- zij hebben beoordeeld dat het werk buiten dienstbetrekking kan worden uitgevoerd,
- dat zij hun afspraken in overeenstemming met de passende modelovereenkomsten van opdracht hebben vastgelegd,
- dat zij de juiste wijze van uitvoering van de afspraken in die overeenkomst toetsen en vastleggen.
Hoe beter ze dit kunnen onderbouwen, des te meer moeite kost het de Belastingdienst om aannemelijk te maken dat er in dienstbetrekking wordt gewerkt. Het is belangrijk om de onderbouwing in een dossier vast te leggen, iets dat er in de praktijk vaak niet van komt. Een interessante tool die daarbij kan helpen biedt de website Zzp Ja/Nee.
Welke alternatieven zijn er?
In de afgelopen maanden is duidelijk geworden dat de voorkeur van zelfstandige professionals in de mondzorg en hun opdrachtgevers is om buiten dienstbetrekking samen te werken. Er zijn alternatieven voor het zzp-schap, maar die zijn vrijwel altijd minder flexibel, minder gelijkwaardig tussen partijen en lastig en kostbaar in de uitvoering. Deze alternatieven zijn beschikbaar op onze website of op aanvraag via het team Ledenservice.
Vragen?
Heb je vragen over dit onderwerp? Stel ze, bij voorkeur per mail, aan het team Ledenservice ls@knmt.nl