Zzp-maatschap in de mondzorg: een realistische optie

Karel Gosselink
5 minuten
Image
Team in overleg
Nu het lastiger is geworden om als zzp’er te blijven werken, wordt er in de mondzorg naarstig gezocht naar alternatieven. De zzp-maatschap is er daar een van. Wat houdt zo’n maatschap in?

Afgelopen jaar kondigde de Belastingdienst aan te zullen gaan handhaven op schijnzelfstandigheid. Dit heeft eraan bijgedragen dat de inzet van zzp’ers in de mondzorg onder druk is komen te staan. Momenteel is het veld naarstig op zoek naar vormen van samenwerking tussen zzp’ers en opdrachtgevers die werkbaar zijn, continuïteit bieden en tegelijk fiscaal en juridisch verdedigbaar. Een vorm die de laatste tijd vaker opdoemt, is de zogenoemde zzp-maatschap.

Zzp-maatschap stelt uitsluitend kennis en arbeidskracht van haar maten ter beschikking

"De term zzp-maatschap is eigenlijk een soort werktitel", vertelt Harry Korver, specialist praktijk- en beroepsuitoefening bij de KNMT. Juridisch gezien is het een openbare maatschap waarin een groep tandartsen, orthodontisten en/of mondhygiënisten zonder een eigen praktijk of patiëntenbestand samenwerken. De maatschap stelt uitsluitend de kennis en arbeidskracht van haar maten ter beschikking aan externe opdrachtgevers zoals tandartspraktijken of ketens, waar zij zorg verlenen aan patiënten van de betreffende opdrachtgevers.

Zelfstandig vanuit één gezamenlijke onderneming

In deze vorm oefenen de ingehuurde mondzorgprofessionals hun beroep zelfstandig uit vanuit één gezamenlijke onderneming (de zzp-maatschap), waardoor ze werken voor gezamenlijke rekening en gezamenlijk risico. Het is de zzp-maatschap die contracten sluit met andere ondernemingen - lees mondzorgpraktijken. Vervolgens gebeurt de uitvoering van een opdracht door een van de maten die bij ziekte of vakantie vervangen kan worden door een andere maat, wat zorgt voor continuïteit.

Al langer in de ziekenhuiszorg

Er bestaan in de mondzorg nog geen zzp-maatschappen, maar zijn die er in de ziekenhuiszorg al langer. Na het verdwijnen van de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) en de invoering van de Wet DBA zijn gespecialiseerde zorgverleners vaker gaan samenwerken in maatschappen die hun diensten aanbieden aan ziekenhuizen. Denk daarbij aan maatschappen van anesthesieassistenten, OK-assistenten en IC-verpleegkundigen, doorgaans hbo-opgeleid en met zeer specifieke, essentiële kennis. Voorheen lieten zij zich vaak als zzp’er inhuren. 

Goed laten adviseren en de tijd nemen om een solide basis neer te zetten

Voor ziekenhuizen biedt zo’n zzp-maatschap een oplossing, omdat het voor continuïteit van zorg en arbeidsinzet zorgt. Voordeel voor de ingehuurde zorgverleners is dat zij zelf meer flexibiliteit en zelfbeschikking hebben en mogelijk een hoger inkomen kunnen vragen dan de cao voor ziekenhuizen voorschrijft.

Ondersteund door een externe partij die de backoffice verzorg

De zzp-maatschap kan als onderneming worden ondersteund door een externe partij die de backoffice verzorgt. Dat beperkt de administratieve lasten van de maten op het gebied van contractering en facturering. De inkomsten komen centraal binnen bij de maatschap. Hieruit worden allereerst de kosten voor de maatschap betaald, waarna de winst naar rato onder de maten wordt verdeeld. Elke maat blijft ondernemer voor de inkomstenbelasting en moet deze dus zelf afdragen.  

Men moet elkaar iets gunnen en solidair zijn

Om zo’n maatschap goed te laten verlopen, is het van belang dat er sprake is een ‘affectio societatis’ - oftewel de wil en intentie van personen om duurzaam samen te werken met het oog op het delen van winst en risico. De maten moeten elkaar iets gunnen en solidair zijn. Je werkt niet alleen voor jezelf. Zo kan er bijvoorbeeld voor gekozen worden om iemand door te betalen bij uitval of bij ziekte als de eigen arbeidsongschiktheidsverzekering nog niet aangesproken kan worden. “Over deze werkwijze moet er wel cohesie zijn in de groep maten”, aldus Harry.

Minder kans op gedoe met Belastingdienst

De kans op gedoe met de Belastingdienst rondom schijnzelfstandigheid is veel minder aanwezig bij een zzp-maatschap. Er is immers sprake van een contract tussen ondernemingen in plaats van een contract tussen een persoon en een opdrachtgever. 

De opdracht – meestal voor een bepaald aantal uren in een bepaalde periode – wordt uitgevoerd door de inzet van een maat met de betreffende deskundigheid. Bij ziekte of vakantie wordt deze vervangen door een andere maat. Ook draagt de maatschap het ondernemersrisico. 

Zzp-maatschap valt voor btw onder medische vrijstelling

Het risico dat de Belastingdienst een opdrachtrelatie toch aanmerkt als dienstbetrekking is aanwezig als het gaat om een zzp-maatschap die is opgericht op initiatief van een of meerdere praktijkhouders in een regio, die vervolgens zelf personeel inhuren vanuit deze maatschap. Maar ook als een opdrachtgever eist dat een specifieke tandarts de werkzaamheden uitvoert en/of als de zzp-maatschap slechts één opdrachtgever bedient, zou er sprake kunnen zijn van een mogelijk dienstverband. 

Geen arbeidskracht uitgezonden, maar zorg verleend

Een zzp-maatschap die mondzorg aanbiedt, valt voor de btw onder de medische vrijstelling, blijkt uit rechterlijke uitspraken over de btw-plicht van zzp-maatschappen die voor ziekenhuizen werken. 

Dit is anders voor een bv of coöperatie die een tijdelijke arbeidskracht levert aan een zorgaanbieder. Er is dan eigenlijk sprake van een uitzendbureau, waarvoor wel een btw-heffing geldt. Ook schrijft de nieuwe uitzendwetgeving voor dat zo’n bv of coöperatie een uitzendvergunning moeten hebben. 

Bij een maatschap is dat anders: er wordt geen arbeidskracht uitgezonden, maar er wordt zorg verleend door een maat die mede-eigenaar is van de maatschap. Bovendien is er sprake van een directe behandelovereenkomst tussen de maat en de patiënt.

Voorkomt dat vrijwel altijd dezelfde opdrachtgevers worden bediend

De zzp-maatschap is een serieus te overwegen samenwerkingsvorm die – mits zorgvuldig opgezet en onderhouden – ruimte kan bieden om als zelfstandig tandarts te werken bij een opdrachtgever. 

  • Een belangrijk aandachtspunt bij het opzetten ervan is dat het een initiatief is opgezet door een aantal maten (zzp’ers in de mondzorg). 
  • Ook moeten er voldoende maten zijn om de maatschap goed te laten functioneren: te weinig maten maakt kwetsbaar; te veel maakt onbestuurbaar. 
  • Verder is het belangrijk dat de maatschap een voldoende groot geografisch gebied bedient. Dit voorkomt dat vrijwel altijd dezelfde opdrachtgevers worden bediend. 

De KNMT werkt op dit moment aan een modelovereenkomst voor de zzp-maatschap die leden als basis kunnen gaan gebruiken. Het advies van Harry aan tandartsen die met een zzp-maatschap aan de slag willen, is om zich goed te laten adviseren en de tijd te nemen om een solide basis neer te zetten. “Dat betaalt zich later terug.”

Webdossier (Schijn)zelfstandigheid

Dit artikel werd eerder gepubliceerd in NT/Dentz 01/2026