facebook

Wet toetreding zorgaanbieders

Op 1 januari 2022 is de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) in werking getreden. De wet regelt het toezicht op zorgaanbieders en aan welke eisen zij moeten voldoen om zorg te mogen verlenen. Wat betekent de Wtza voor de mondzorg?

Doel van de Wtza: beter toezicht

Het doel van de Wtza is om alle zorgaanbieders beter in beeld te krijgen bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en het zogenaamde risicogestuurd toezicht, mede op basis van big data, aan te scherpen. Hiermee verwacht het ministerie van VWS fraude in de zorg beter aan te kunnen pakken. 

De Wtza vervangt de Wet Toelating Zorginstellingen (WTZi) en is van toepassing op alle zorgaanbieders in de zin van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz); dat zijn in de mondzorg zowel praktijkhouders als tandartsen/orthodontisten/kaakchirurgen die als zzp’er werken.

Wtza in het kort

Wat betekent de Wtza voor mij?

Bekijk hier wat je moet weten als...

Ben je als tandarts in loondienst? Dan is deze wet niet op jou van toepassing.

Zo bepaal je hoeveel zorgverleners er in je praktijk werken

Bij het tellen van het aantal zorgverleners is het volgende van belang:

  • Alle zorgverleners tellen mee, of ze BIG-geregistreerd zijn of niet. Wie geen zorg verleent, telt niet mee: denk aan assistenten die geen zorgverlenerstaken uitvoeren (conform het ABC-model), praktijkmanagers, balie-assistenten, administratief medewerkers, schoonmakers, en dergelijke.
  • Of iemand in dienst is of als zzp'er in de praktijk werkt, is niet van belang. Gekeken wordt of er feitelijk wordt gewerkt als zorgverlener.  
  • Het gaat om het aantal personen, niet om het aantal FTE.
  • Personen die maar zeer incidenteel zorg verlenen, zoals vrijwilligers en stagiairs, tellen niet mee.

Meer informatie over het bepalen van het aantal zorgverleners dat meetelt in de Wtza

Wat regelt de Wtza?

1. Zorgaanbieders hebben meldplicht

De wet bevat een (eenmalige) meldplicht voor zorgaanbieders. Zorgaanbieders moeten eenmalig een vragenlijst invullen van de IGJ en worden vervolgens gewezen op de kwaliteitseisen waar ze aan moeten voldoen. Deze regel geldt voor zowel zzp'ers als praktijkhouders.

2. Zorgaanbieders moeten een vergunning aanvragen

Naast de meldplicht zijn zorgaanbieders waar meer dan 10 mensen structureel zorg verlenen verplicht een toelatingsvergunning aan te vragen. Biedt je praktijk medisch-specialistische zorg, bijvoorbeeld mka-chirurgie? Dan moet je sowieso een vergunning aanvragen, dus óók als er minder dan 10 mensen zorg verlenen.

3. Zorgaanbieders moeten een interne toezichthouder aanstellen

Alle zorgaanbieders waar meer dan 25 mensen structureel zorg verlenen, moeten een interne toezichthouder aanstellen.

4. Zorgaanbieders moeten openbaar financiële verantwoording afleggen

De Wtza verplicht zorgaanbieders vanaf 1 januari 2023 jaarlijks openbaar verantwoording af te leggen over hun financiële bedrijfsvoering, resultaat en vermogen. Het uitgangspunt is dat zorgaanbieders die (deels) met collectieve middelen worden bekostigd, aanspreekbaar moeten zijn op de professionaliteit en de integriteit van hun bedrijfsvoering. Deze regel geldt voor zowel praktijkhouders als zzp'ers die vanuit een BV werken. Deze regel geldt niet voor zzp'ers met een eenmanszaak. Er gelden ook transparantieregels zodat de bedrijfsvoering inzichtelijk en controleerbaar is.

Wat vindt de KNMT?

De KNMT is het niet eens met de manier waarop de financiële verantwoording wordt afgedwongen. De regeling Jaarverantwoording WMG is een overbodige regeling, die een onaanvaardbare extra administratieve lastendruk met zich meebrengt. De KNMT blijft zich, samen met andere organisaties in de eerstelijnszorg, sterk maken voor een betere regeling die minder lastenverzwaring inhoudt.

Webinar Wtza in de mondzorg

Hier linken we je direct door naar de onderdelen in het webinar die gaan over...

Antwoorden op veel gestelde vragen over de Wtza:

FAQ Wtza (versie 1 februari 2022; pdf) 

Update jaarverantwoording voor eenmanszaken

In tegenstelling tot wat in het webinar gemeld wordt, hoeven eenmanszaken bij hun (niet-openbare) jaarverantwoording aan de NZa geen winst- en verliesrekening en balans aan te leveren. De NZa wilde dit eerder wel uitvragen maar op aandringen van de KNMT en de Eerstelijnscoalitie is die eis, die een disproportionele uitvraag van tot op de persoon herleidbare gegevens zou inhouden, recent komen te vervallen.