Cyberaanval, hack

Hoe voorkom je een cyberaanval? En wat doe je als je ict-systemen gehackt blijken?

Een hack of cyberaanval

Afbeelding verwijderd.

Als cybercriminelen het ict-systeem van een praktijk hacken of aanvallen, dan kan dit gevolgen hebben voor de hele praktijkvoering. Om je hier beter tegen te wapenen, moet je voldoen aan een aantal zaken. Deze komen voort uit Europese wetgeving en de NEN 7510, de norm voor informatiebeveiliging in de zorg: 

  1. De basis op orde: maak een informatiebeveiligingsbeleid. Dit is het zogenoemde Information Security Management System (ISMS). Hierin staat beschreven hoe patiëntgegevens worden beschermd, wie verantwoordelijk is, welke risico’s er zijn en hoe deze worden beheerd en gecontroleerd.
  2. Zorg voor een goede technische beveiliging. Gebruik onder meer beveiligde systemen, versleutelde verbindingen, update regelmatig de software en regel het toegangsbeheer. Maak duidelijke afspraken met (software)leveranciers over bijvoorbeeld toegang op afstand via goed beveiligde verbindingen en controleer regelmatig of leveranciers zelf aan de beveiligingseisen voldoen. 
  3. Maak medewerkers bewust van informatieveiligheid. Ze moeten allemaal weten hoe ze veilig omgaan met patiëntinformatie, sterke wachtwoorden gebruiken, phishing herkennen en datalekken melden. Laat ze desnoods een training volgen.
  4. Waarborg de continuïteit van de praktijk. Zorg voor een continuïteitsplan met daarin maatregelen voor back-ups, noodprocedures en herstel bij storingen, datalekken of cyberaanvallen. Hierdoor kan de zorg doorgaan.

Handboek Informatiebeveiliging

Maak cyberveiligheid onderdeel van het dagelijks praktijkbeheer. Het is niet iets om later te regelen. Om je te helpen deze verplichtingen verder in te vullen, kun je gebruik maken van het handboek Informatiebeveiliging mondzorgpraktijk van de KNMT.

Datalek melden

Webdossier Informatiebeveiliging en privacy

Webdossier crises en calamiteiten