facebook

Porselein versus composiet voor veneer restauraties: een beknopt literatuuronderzoek en kosteneffectiviteitsanalyse

De bachelorscriptie 'Porselein versus composiet voor veneer restauraties: een beknopt literatuuronderzoek en kosteneffectiviteitsanalyse' van N. Ter Braack, I. Koekebakker en L. Siebers (Radboud Universiteit) is een van de genomineerden voor de KNMT Sensodyne Bachelorscriptie Award 2022. Op deze pagina kun je de samenvatting van hun scriptie lezen. Ook vertellen de Nijmeegse studenten over hun onderzoek en het belang ervan.

Inleiding

Een veneer is een dun laagje materiaal dat gebonden is aan een onderlaag om zo esthetische problematiek in het front te behandelen. Er zijn hierbij twee verschillende materialen en dus behandelopties mogelijk; composiet of porselein. Beide opties hebben specifieke voor- en nadelen die lijken te resulteren in een aparte levensduur en verschillende kosten met zich meebrengen. Er is momenteel geen literatuur te vinden waar de kosteneffectiviteit van porselein- en composiet veneers op frontelementen wordt beschreven.

Het doel van dit onderzoek is om op basis van de tandheelkundige literatuur porselein en composiet veneer restauraties te vergelijken met betrekking tot de levensduur en de kosteneffectiviteit. Hierbij wordt verwacht dat de kosteneffectiviteit van deze twee typen restauratie overeenkomt.

Methode

Via de PubMed database is er met een systematische zoekstrategie gezocht naar artikelen die voldeden aan inclusiecriteria met rapportage van porselein of composietveneers en de levensduur ervan. Deze artikelen zijn opgenomen in een beknopt literatuuronderzoek naar de levensduur van composiet en porselein veneers. Binnen deze resultaten is door de drie beoordelaars onafhankelijk geselecteerd. De overeenstemming tussen de beoordelaars is vervolgens met een kappa bepaald. Deze studies werden vervolgens onderworpen aan een kwaliteitsbeoordeling ‘good scientific practice’ (GSP).

Hierbij werd van elk artikel vier categorieën onderscheiden: studie methodologie, tandheelkundige methodologie, evaluatie methodologie en statistische methodologie. Binnen deze categorieën zijn artikelen aan de hand van een puntensysteem op verschillende onderwerpen gescoord, gezamenlijk door de drie onderzoekers. Per artikel kwam hier een totaalscore uit die tussen 0 en 1 ligt. De artikelen met de hoogste kwaliteitsbeoordeling van porselein en composiet werden gebruikt om de  overlevingspercentages, de annual survival rate (ASR), van de restauraties te bepalen. De kosten zijn overgenomen uit de landelijke tandarts- en tandtechniektarieven.

In de berekening zijn het aanbrengen van de veneer, de rubberdam en techniekkosten betrokken.  Op basis van de kosten en de overlevingspercentages werd de kosteneffectiviteit bepaald door middel van de incrementele kosteneffectiviteitsratio (ICER). Hierbij werd zowel het verschil in kosten als het verschil in levensduur tussen composiet en porselein veneers berekend.

Resultaten

Aan de hand van de twee zoekstrategieën in Pubmed zijn 117 studies voor porselein en 56 studies voor composiet gevonden. Verder is er gekeken welke artikelen geïncludeerd waren in de gevonden meta-analyses en of deze artikelen ook gevonden waren tijdens de Pubmed zoekstrategie. Dit bleek niet bij alle artikelen het geval, waardoor er nog 38 extra artikelen uit de gevonden meta-analyses zijn geëxtraheerd.

In totaal zijn er 16 artikelen geschikt bevonden die voldeden aan de inclusiecriteria: waarvan 3 studies over composiet veneers, 11 over porselein veneers en 2 studies die naar beide materialen hebben gekeken. Voor de berekening van de ICER is voor composiet een Annual Survival Rate (ASR) van 87,5% en voor porselein een ASR van 95% gebruikt, afkomstig uit de artikelen met de hoogste kwaliteitsbeoordeling. De gemiddelde kosten voor composiet kwamen uit op €84,41, en voor porselein op €348,43. Hier kwam een ICER uit voort van €35,20 per overlevingsjaar voor porselein ten opzichte van composiet.

Conclusie

Gegeven de beperkingen van dit onderzoek, bleek composiet veneer op frontelementen kosteneffectiever dan porselein veneer met een ICER van porselein die €35,20 per overlevingsjaar hoger is dan die van composiet. Op basis van deze gegevens zou geconcludeerd kunnen worden dat composiet veneers kosteneffectiever zijn dan porselein veneers.  

Discussie

In deze studie is er gebruik gemaakt van gross costing, waarbij alleen is gekeken naar de totaalprijs van de behandelingen. Er is dus niet naar een gedetailleerde analyse van de kosten van alle verschillende onderdelen van een behandeling gekeken (microcosting). Dit had wellicht een completer overzicht kunnen bieden van het kostenplaatje.

Terug naar het scriptieoverzicht 2022

KNMT Sensodyne Bachelorscriptie Award